De Onderzoeksprijs van Onderwijsregio Hollands Noorden geeft onderwijsprofessionals een podium voor het zichtbaar maken van onderzoek. Docenten, studenten en onderwijsondersteunend personeel kunnen hun onderzoek aanmelden en laten zien hoe zij bijdragen aan beter onderwijs. Zo stimuleert de prijs kennisuitwisseling, inspiratie en innovatie binnen de regio. Denise Teeuwen heeft met haar onderzoek naar een inclusieve en veilige klas de Onderzoeksprijs van 2025 gewonnen. Voor haar afstudeeronderzoek ontwikkelde zij een gespreksspel dat leerlingen en docenten helpt om gevoelige onderwerpen bespreekbaar te maken.
Waarden uitdragen
Het onderzoek van Denise ontstond tijdens haar lerarenopleiding aan Windesheim, waar zij de opleiding voor PIE (Produceren, Installeren en Energie) volgde. Voor haar afstuderen moest zij een beroepsproduct ontwikkelen, gebaseerd op een onderzoek naar haar eigen ontwikkeling als docent. Daarbij werkte zij met de theorie van living educational theory, waarin centraal staat welke waarden een docent wil uitdragen in zijn of haar onderwijs. Voor Denise werd al snel duidelijk welke waarde voor haar het belangrijkst was. ‘Voor mij kwam steeds één kernwaarde naar voren en dat was veiligheid. Ik wilde onderzoeken hoe je als docent een klas kunt creëren waarin iedereen zich veilig voelt en zichzelf kan zijn.’
Tijdens haar onderzoek merkte zij dat veiligheid (en inclusiviteit in het bijzonder) soms al begint bij kleine dingen, zoals taalgebruik in de klas. ‘Ik constateerde dat ik automatisch vaak jongens en meisjes zei. Dat is een traditionele manier van aanspreken, maar eigenlijk sluit je daar ook mensen mee uit. Tegelijk voelde het soms ook ongemakkelijk om een alternatief te gebruiken. We kennen allemaal de discussies over formuleringen als beste reizigers bij de NS. Dat zette me aan het denken hoe ik daar in een klas mee om kon gaan.’ Ze begon daarom bewust te experimenteren met andere manieren om leerlingen aan te spreken. ‘Dan zeg ik bijvoorbeeld lieve mensen, luister even of hé toppers, mag ik even jullie aandacht. Wat me opviel, is dat leerlingen daar helemaal niet vreemd op reageren. Vaak hebben ze niet eens door dat je een andere keuze maakt. Maar het is wel echt een stap richting inclusiever taalgebruik.’
Hakken in het zand bij gesprekken over LHBTQ+
In gesprekken met collega’s en leerlingen merkte Denise dat het onderwerp LHBTQ+ soms gevoelig ligt. ‘Zodra je het expliciet over LHBTQ+ hebt, gaan bij sommige mensen meteen de hakken in het zand. Dat was voor mij extra reden om dit onderwerp bespreekbaar te maken.’ Vanuit die gedachte ontwikkelde Denise een gespreksspel dat verschillende thema’s rondom sociale veiligheid en diversiteit aanraakt. Genderdiversiteit en seksualiteit zijn daar een onderdeel van, maar zijn niet het enige onderwerp. ‘Het spel bestaat uit kaartjes met vragen en situaties die leerlingen in kleine groepjes bespreken. Die kaarten zijn zo gemaakt dat leerlingen niet meteen hun eigen verhaal hoeven te vertellen. Bij een kaart over suïcide wordt bijvoorbeeld de vraag gesteld of de deelnemer iemand met donkere gedachten kent. Dan praat je over een situatie of over iemand anders. Natuurlijk kan over jezelf gaan, maar dat hoeft niet en je hoeft het zeker niet kenbaar te maken. Dat maakt het gesprek veiliger.’
Denise testte het spel met derde- en vierdejaars leerlingen. Ze koos bewust voor een moment later in het schooljaar, wanneer leerlingen elkaar al beter kennen. De reacties waren positief. ‘Wat mij vooral opviel was dat leerlingen die normaal niet zo snel iets zeggen, nu wel hun stem lieten horen. Doordat je via een kaart over situaties en niet direct over jezelf praat, ontstaat er ruimte voor iedereen om mee te doen.’
Indrukwekkende bekentenis van een leerling
Denise vertelt over een moment tijdens haar onderzoek dat diepe indruk maakte: ‘Ik werd aangesproken door een leerling die had deelgenomen aan de enquête als onderdeel van het onderzoek. ‘Hij had ingevuld dat hij soms vrouwenkleding draagt. Na het invullen van de enquête kwam hij naar me toe om daarover verder te praten. Hij vertelde dat hij zichzelf een femboy noemt en dat zijn ouders dat volledig accepteren, maar hem wel begeleiden in het naar buiten brengen van zijn voorkeur. Dat vond ik een heel bijzonder moment. Blijkbaar voelde hij zich veilig genoeg om dit met mij te delen. Dat was precies waar ik met mijn onderzoek op hoopte.’
Ook bij collega’s leidde het onderzoek tot nieuwe inzichten. ‘In het begin vonden sommige collega’s mij een beetje te woke toen ik het onderwerp LHBTQ+ aansneed,’ zegt Denise met een glimlach. ‘Maar toen ik het spel breder inzette, veranderde dat. Toen zagen ze dat het eigenlijk gaat over sociale veiligheid in de klas en over hoe je moeilijke gesprekken kunt voeren.’ Tijdens haar onderzoek ontdekte ze dat veel begrippen rondom gender en diversiteit weinig bekend zijn. Zo kwam ook het begrip intersekse ter sprake. ‘Ongeveer één op de negentig mensen is intersekse. Dat zijn dus meer mensen dan je denkt. Daarom zitten er in het spel ook kaartjes die zulke begrippen uitleggen. Het mooie is dat je als docent niet alles vooraf hoeft te weten. Je kunt het kaartje samen lezen en het gesprek aangaan.’
Spel mag in productie
Na de uitreiking van de Onderzoeksprijs kreeg Denise van verschillende scholen de vraag wanneer het spel beschikbaar komt voor andere docenten. Voorlopig bestaat het spel nog alleen in de vorm die zij voor haar onderzoek ontwikkelde. ‘Ik zou het heel graag breder beschikbaar maken, dus als lezers van dit artikel ideeën hebben, ze zijn van harte welkom!’
Als winnaar mag Denise deelnemen aan een internationale studiereis, waar onderwijsprofessionals uit de regio scholen en hun onderzoeksinitiatieven bezoeken. ‘Hoe krijgt onderzoek daar een plek in het onderwijs en wat kunnen wij daarvan leren? Die uitwisseling lijkt me ontzettend waardevol.’